Terug

Pater Firmatus Stevens, gevangen in de vuurlinie

10 Mei 1940

Na de landing van de Duitse troepen op 10 mei 1940 bij het vliegveld Valkenburg, is één van hun eerste doelen de verovering van het St. Willibrord college in Katwijk aan de Rijn. Hier hadden tijdens de mobilisatie een aantal eenheden van 4-RI hun intrek genomen. Een aantal gebouwen van het Seminarium werden vervolgens na hevige gevechten door de Duitsers ingenomen.

Felle gevechten

Het bidprentje ter nagedachtenis aan Pater Firmatus Stevens.

Het bidprentje ter nagedachtenis aan Pater Firmatus Stevens. E. Wolthaus

In één van de huizen op het terrein van het Seminarium hadden zich een aantal Duitsers verschanst, waarop de herovering van het Seminarium door de Hollanders hopeloos vastliep. Door dapper optreden van enkele van hen werden de Duitsers uit het huis verdreven en krijgsgevangen gemaakt, waarna het zuiveren van het terrein van het Seminarium weer kon worden ingezet. Er zaten Duitse para’s in de bomen, maar deze werden er door de Hollanders onverbiddelijk uitgeschoten. Ondertussen werd er in Katwijk-binnen, tussen de Rijnstraat en de Overrijn fel gevochten. Met als inzet de Roskambrug en de College gebouwen waarin ook een Hollandse hulpverbandplaats was ingericht. Deze werd na de herovering van het College, op last van de regiments arts van 4-RI, verplaatst naar het Zeehospitium in Katwijk aan Zee.

Onder vuur

De gebouwen van het Seminarium waren op dat moment nog niet verlaten door hun bewoners, en lagen onder vijandelijk vuur vanuit zuidelijke richting. Vanaf de trambrug over de Oude Rijn en vanuit de Katwijkse kalkzandsteen fabriek. De leerlingen en de Paters van het Missiecollege moesten overhaast aan alle kanten dekking zoeken. Één van de leraren, Firmatus Stevens, werd hierbij getroffen door een verdwaalde kogel en kwam later die dag te overlijden. De overlevering leert ons dat hij probeerde om door een raam naar buiten te kijken en vervolgens dodelijk geraakt werd.

Wat gebeurde er werkelijk?

Aan de leerlingen van het College werd verteld dat pater Stevens door een Nederlandse soldaat zou zijn doodgeschoten die dacht dat hij een wapen bij zich droeg. Deze soldaat zag de pater achter het raam staan met zijn rechterhand ter hoogte van het koord om zijn middel. Van deze afstand leek het of Stevens een pistool vasthield en de soldaat schoot hem vervolgens vanaf de Roskambrug neer. Men vertelde dat het voorval onder geen beding naar buiten mocht komen en dat er besloten werd om er dan ook geen zaak van te maken tegen de Nederlandse militair. Stevens werd dan ook de volgende dag snel begraven op het Kloosterkerkhof van het Missie-College Sint Willibrord. Dit gebeurde in een klein gezelschap, het was te gevaarlijk om zich in een grote groep buiten te begeven vanwege aanhoudend Nederlands artillierievuur richting het vliegveld. De onfortuinlijke dood van Stevens kwam daarna slechts kort in het nieuws, op landelijk niveau verschijnt er op 18 mei 1940 een kort stukje in de Haagse Residentiebode. In mei 1941 wordt het voorval tenslotte nog genoemd in een overzichts artikel van mei 1940 in de Indische Courant uit Sourabaya, Ned. Indie.

Leerlingen van het missiecollege.

Leerlingen van het missiecollege. B. Ravelli

Pater Stevens, die de  kloosternaam Firmatus droeg, was een voormalig student klassieke talen aan de Rooms Katholieke Universiteit te Nijmegen. In deze hoedanigheid was hij dan ook leraar aan het Franciscaans College te Katwijk. Geboren op 13 juli 1897 in het Limburgse Weert was Stevens op 11 maart 1923 tot priester gewijd door Z.D.H. Mgr. Laurentius Schrijnen, bisschop te Roermond. Ten tijde van zijn overlijden was Stevens slechts 42 jaar oud. Na de oorlog wordt zijn naam vermeld op een gedenkplaat voor de ten gevolge van de oorlog omgekomen leden van de academische gemeenschap van de Rooms-Katholieke Universiteit te Nijmegen.

Het College weer in Hollandse handen

Uiteindelijk wist het het bataljon met de 1e sectie van de MC in de loop van de 10e mei langzaam door te dringen in Katwijk-binnen. Er ontstonden straatgevechten tussen 3-II-4-RI en de Duitsers. Waarbij er aan beide zijden doden en gewonden vielen. Een aantal in straatjes en steegjes ingesloten Duitse fallschirmjagers  gaven zich daarna noodgedwongen over aan Hollandse tirailleurs en mitrailleur eenheden.

Het Seminarium ontsnapt bij deze gevechten maar ternauwernood aan totale vernietiging. Overste Buurman van 4-RI was namelijk van mening dat er steun nodig was van zware artillerie vanaf het strand van Katwijk en Noordwijk. Vanwege de slechte verbindingen kwam zijn verzoek om artillerie steun maar gedeeltelijk door en ging gelukkig niet door toen er onverwacht vorderingen werden gemaakt bij de herovering door de Hollanders.  Uiteindelijk sloegen de Duitsers op de vlucht en trokken zich met achterlaten van de doden en gewonden weer terug in de richting van Valkenburg.

Na de capitulatie

De Duitse bezetters bleven geen onbekenden. De rector moest de kunst leren om ze zo rond te leiden in het huis, dat ze van inkwartiering afzagen. Tot februari 1942 lukte dat. Toen kwam er een gedeeltelijke bezetting met Duitse soldaten. De zorg was nu: hoe blijven we toch nog in het huis wonen? Ook dat lukte niet meer: in juli 1942 werd de ontruiming geëist. Binnen twee dagen werden delen van de inboedel ondergebracht bij mensen in het dorp. Welwillend stonden de Duitsers de kapel nog af als bergruimte. Toch gaf de rector, pater Leonard Retel, de verzekering: ‘We gaan door met het college. Reken daarop!’. Op 21 september startte inderdaad het nieuwe schooljaar. Na vele plannen en mislukte pogingen moesten de leerlingen plaatsmaken voor soldaten en werd het college uiteindelijk in Den Haag gevestigd.

Onder het puin bedolven Volgende verhaal

Wil je bijdragen aan dit verhaal?

U kunt ons helpen door dit verhaal aan te vullen en waar nodig te corrigeren!

Heeft u nog materiaal dat wij kunnen gebruiken om dit verhaal nog beter te maken? Neem dan contact met ons op, zodat we onze website zo compleet mogelijk kunnen houden.

E-mail mail Facebook