Terug

De bouw van vliegpark Valkenburg

Luchtwapens waren in de eerste wereldoorlog van groot belang gebleken. Nederland kon hierin uiteraard niet achterblijven. Op vliegveld Soesterberg was de “Luchtvaartafdeeling” gesitueerd, die later, in juli 1939, werd omgedoopt tot “Wapen der Militaire Luchtvaart”. Het militaire vliegveld Soesterberg was kwetsbaar gelegen buiten de “Vesting Holland”. Vanwege de dreigende politieke situatie in Duitsland ontstond de behoefte om vliegvelden achter de Hollandse waterlinie te hebben. Om dit te realiseren werd er een vierjarenplan ontwikkeld om vier nieuwe militaire vliegvelden te maken. Door twee burgerluchthavens over te nemen en om te dopen tot militaire vliegvelden hoefden er maar twee nieuwe gebouwd te worden. Bergen aan Zee bleek een geschikte locatie te zijn voor een dergelijk vliegveld. In 1937 werd er begonnen met de bouw van het militaire vliegveld te Bergen.

Locatie Valkenburg

De locatie voor een vierde luchthaven was minder makkelijk te kiezen. Er was namelijk behoefte aan een luchthaven die nabij de regeringszetel in Den Haag gelegen was. Na enkele terreinverkenningen in oktober 1938 werd een stuk grond nabij Katwijk en Valkenburg gekozen als plaats voor het nieuw te bouwen vliegveld. Het gebied rond Katwijk was al een tijd een potentiële locatie. In het Engelse blad “Flight” van 14 september 1933 werd al gemeld dat er overleg was om een gebied rondom Katwijk als locatie te benoemen.

A new aerodrome in the dunes between the watering places of Noordwijk and Katwijk is also being discussed.

Flight Magazine

14 september 1933

Nu de locatie gekozen was betekende dit niet dat er verder geen problemen waren omtrent de bouw. Het Ministerie van Waterstaat wilde namelijk een grote burgerluchthaven realiseren nabij Leiderdorp. Het was hiervoor belangrijk dat er binnen een straal van vijfentwintig kilometer geen andere vliegvelden zouden zijn. Het Ministerie van Defensie besloot haar poot stijf te houden en de bouw toch te beginnen.

Aankoop en onteigening

Begin 1939 kon er eindelijk begonnen worden aan het vliegveld. Allereerst moest de benodigde twintig hectare grond bemachtigd worden. Zo werden er Valkenburgse en Katwijkse percelen opgekocht, maar ook onteigend. Omdat het vliegveld grotendeels op Valkenburgs grondgebied zou komen, wilde de burgemeester van Valkenburg dat het naar zijn dorp vernoemd zou worden. Het dorpje zou op deze manier wat meer naamsbekendheid kunnen verwerven.

Luchtfoto gemaakt in 1939 tijdens het bouwrijp maken van het vliegveldterrein.

Luchtfoto gemaakt in 1939 tijdens het bouwrijp maken van het vliegveldterrein. G. Russchenberg

Werkverschaffing: De bouw van een vliegveld

Dempen van sloten op het terrein van het toekomstige Vliegpark Valkenburg. Zand voor het aanvullen werd aangevoerd met smalspoor.

Dempen van sloten op het terrein van het toekomstige Vliegpark Valkenburg. Zand voor het aanvullen werd aangevoerd met smalspoor. M. Tieleman

Op 17 april 1939 werd aangevangen met de bouw van het vliegveld. Dit geschiedde in het kader van een werkverschaffingsproject. Dit wilde zeggen dat werkelozen een bijdrage konden leveren aan de maatschappij door nuttig werk te verrichten. Er heerste in die tijd grote werkeloosheid in Nederland. Veel mensen liepen in de steun, wat tevens inhield dat ze twee maal per dag een stempel moesten halen om zwart werken te voorkomen. Dit was erg vernederend voor de mensen die zonder werk zaten. Als arbeider in een werkverschaffingsproject kon je wat bijverdienen en hoefde je niet in de steun te lopen.

Niet iedereen was het eens met het besluit om het vliegveld in werkverschaffing te laten bouwen. De gemeente Katwijk bijvoorbeeld. Burgemeester Woldringh van der Hoop stuurde in april ’39 brieven op poten naar de Raad van Ministers en de Minister van Sociale zaken. Katwijkse grondwerkers waren er immers genoeg en stonden in de gehele provincie Zuid-Holland als goede bouwers bekend. Velen van hen hadden nog gewerkt aan de Rijksweg Amsterdam-Den Haag. Ook was het zo dat in Katwijk de regel gold dat normaal werk niet in werkverschaffing uitgevoerd mocht worden. De burgemeester was dan ook teleurgesteld dat moest blijken dat het rijk daar anders over dacht. In een kort telegrambericht werd medegedeeld:

Door uitvoeren in werkverschaffing van aanleg vliegveld kunnen honderden arbeiders meer worden tewerkgesteld dan bij normale uitvoering.

Minister Sociale Zaken

Met man en macht werd gewerkt om meer dan negentig kilometer aan drainagebuizen aan te leggen.

Met man en macht werd gewerkt om meer dan negentig kilometer aan drainagebuizen aan te leggen. M. Tieleman

Om en nabij 3000 werkelozen hielpen mee met de bouw van het vliegveld. De Nederlandsche Heidemaatschappij, het tegenwoordige ARCADIS, was verantwoordelijk voor de bouw. Er moest veel gebeuren. Omdat het aangewezen terrein uit boerengrond bestond liepen er overal sloten. Deze moesten gedempt worden. Ook was het land veel te drassig. Zodoende werden er drainagebuizen over het hele terrein aangelegd. Meer dan 90 kilometer pijp werd ingegraven ten behoeve van de afwatering van het vliegveld. Uiteraard moest het land ook vlak gemaakt worden. Uit omliggende gebieden werd zand gehaald om het terrein af te vlakken. De landerijen rondom Valkenburg liggen tegenwoordig nog steeds lager dan het terrein van het vliegveld.De grond moest hierna flink aangestampt worden. Vervolgens werden er graszoden gelegd en graszaad ingezaaid. Het vliegveld had geen betonnen start- en landingsbanen maar maakte gebruik van grasbanen. Vanaf de Wassenaarseweg werd een toegangsweg aangelegd. In het verlengde van deze toegangsweg werden vijf hangaars gebouwd. De twee zuidelijke hangaars werden aangeduid met B1 en B2. De noordelijke drie hangaars werden aangeduid met A1, A2 en A3. Eén van deze hangaars was nog niet gereed in mei 1940, toen de Duitsers ons land binnenvielen.

De bouw van de hangaars. Het geraamte is reeds opgetrokken en de deuren zijn geplaatst. Nu de beplating nog.

De bouw van de hangaars. Het geraamte is reeds opgetrokken en de deuren zijn geplaatst. Nu de beplating nog. M. Tieleman

Het arbeidsloon

De arbeiders verdienden 20 gulden per week. Zij maakten werkweken van 48 uur en verrichtten zware lichamelijke arbeid. Er werd niet vaak zichtbaar geklaagd, want dit kon in ontslag resulteren; iets dat de werkelozen zich niet konden permitteren. Toch was er zeker reden tot klagen. Veel arbeiders verdienden niet genoeg om hun huur van te betalen en tegelijk hun gezin van voedsel te voorzien. De Gemeente Katwijk waarschuwde de regering voor aanvang van de bouw al, dat beter geschoolde arbeiders uit Katwijk in het werkverschaffingsloon slechter zouden gaan verdienen dan de minder bekwame arbeiders uit Leiden. Het gemiddelde uurloon lag op 30 cent voor Katwijkers. Dit zorgde voor veel klachten aan het adres van de Gemeente Katwijk. Het college schreef de Minister van Sociale Zaken dat het onverantwoord was om mensen in dergelijke zware grond te laten werken en ze dan weinig meer te betalen dan dat zij zouden ontvangen in de steunregeling. Er werd geëist het uurloon op 32 cent te brengen. Het voorstel werd afgewezen. Katwijk viel onder klasse 7 van de steunregeling, wat zich volgens het rijk tot 28 cent per uur in de werkverschaffing zou verhouden. 30 cent was dus eerder te hoog dan te laag. Noordwijkers en Voorhouters vielen onder klasse 6, wat betekende dat zij wel recht hadden op 32 cent. Valkenburgers en Rijnsburgers waren het slechtst af. Zij vielen in klasse 8, wat betekende dat zij het moesten doen met 28 cent per uur. In Valkenburg en Rijnsburg lag de gemiddelde huishuur echter wel veel lager, namelijk fl2,50 en 3,- terwijl de huurprijs in Katwijk gemiddeld op fl3,25 bedroeg. Op 16 juni 1939 schreef de heer De Best aan het College van Burgemeesters en Wethouders onder andere het volgende:

Uit naam van +/- 50 arbeiders van de werkverschaffing Vliegveld gevoel ik mij verplicht Uw e.a. mede te delen van de daar bestaande wantoestanden wat betreft het uitkeren van het weekloon. Bovengenoemde menschen hebben in de week van 4-10 juni een loon ontvangen van, 8-9-10 gulden, en gezien dit loon, in verhouding van het gepresteerde werk, schandelijk is, zou ik bij U er op aandringen, om deze funeste toestand uit de weg te willen ruimen.

Klei werd via een smalspoorbaan naar het vliegveldterrein vervoerd voor het egaliseren van het land.

Klei werd via een smalspoorbaan naar het vliegveldterrein vervoerd voor het egaliseren van het land. M. Tieleman

Natuurlijk werkte het weer ook niet altijd mee. Het uurloon tijdens slecht weer of vorstverlet bedroeg 24 cent. Dit leverde grote problemen op wanneer het slechte weer langere tijd aanhield, zoals bijvoorbeeld in de week van 11 – 16 maart 1940. Veel arbeiders kwamen zelfs een aantal gulden onder hun steunbedrag uit. Er ging op een gegeven moment vrijwel geen week voorbij zonder regen, waardoor een structureel te laag loon normaal aan het worden was.

De oorlog komt dichterbij

De winter van 1939 was bar koud. Het had zo lang gevroren dat het ingezaaide gras slecht ontkiemde. In het voorjaar van 1940 landde een Fokker C-V met succes op het vliegveld. Echter na de landing zakte het toestel tot aan de wielassen weg in de bodem. Het land had nog niet voldoende tijd gehad om af te wateren en was nog steeds erg drassig. Vanwege de verhoogde dreiging vanuit Nazi-Duitsland moesten de jachtvliegtuigen van Soesterberg zo snel mogelijk naar Valkenburg verplaatst worden. Het vliegveld diende voor 1 juli gereed te zijn. Of dit daadwerkelijk bewerkstelligd had kunnen worden zullen we nooit weten.

Op 16 februari werd het Luchtvaart Bedrijf in verband met het ontruimen van vliegpark Soesterberg overgeplaatst naar Valkenburg. Zij richtten één van de nieuwe hangaars als magazijn in. Het vliegveld werd wegens de oorlogsdreiging bewaakt door het leger. Het 4e Regiment Infanterie was met zo’n 150 man aanwezig op het vliegveld. Het ging hier om het 1-III-4R.I en het 3-III-4R.I. Op 8 mei 1940 werd deze militaire aanwezigheid verhoogd naar om en nabij 450 man, omdat er steeds meer tekenen waren van een potentiële inval.

Het was geen geheim dat er een vliegveld in aanbouw was bij het vissersdorp Katwijk. De Duitsers spioneerden er naar hartelust op los. Vanaf september ’39 werden er al op grote hoogte vliegtuigen waargenomen. Het waren Duitse, als burgerluchtvaart gecamoufleerde, He111F’s. Deze maakten luchtfoto’s en hielden op die manier de voortgang van de bouw nauwlettend in de gaten. Steeds vaker werden deze vliegtuigen waargenomen. De Duitsers hielden zich van de domme. Ook de Engelsen wisten er niets van af. Er werd niet op de vliegtuigen geschoten, omdat Nederland anders de neutraliteit in het geding zou kunnen brengen.

Op deze luchtfoto, gemaakt tijdens de Duitse inval op 10 mei 1940, zijn de drainagesleuven aan de zuidkant van het vliegveld goed te zien. Het vliegveld ligt bezaaid met parachutes en Ju52 transportvliegtuigen.

Op deze luchtfoto, gemaakt tijdens de Duitse inval op 10 mei 1940, zijn de drainagesleuven aan de zuidkant van het vliegveld goed te zien. Het vliegveld ligt bezaaid met parachutes en Ju52 transportvliegtuigen. G. Russchenberg

De deadline voor de uiteindelijke voltooiing van 1 juli 1940 zou nooit bereikt worden. Op 10 mei 1940 vielen de Duitsers in alle vroegte ons land binnen. Zij zetten voet op het nog niet voltooide vliegveld. Vele vliegtuigen zakten weg in de drassige grond. Na dagen van gevechten volgen 5 jaren bezetting. De Duitsers begonnen direct na de capitulatie van de Hollanders met het uitbouwen van het vliegveld.

Oostelijke Flakbatterij Volgende verhaal

Wil je bijdragen aan dit verhaal?

U kunt ons helpen door dit verhaal aan te vullen en waar nodig te corrigeren!

Heeft u nog materiaal dat wij kunnen gebruiken om dit verhaal nog beter te maken? Neem dan contact met ons op, zodat we onze website zo compleet mogelijk kunnen houden.

E-mail mail Facebook