Terug

De bombardementen op de Leidsche treinstations

Puin en bomscherven

Het luchtalarm gaat af en mensen zoeken in paniek dekking in huizen en portieken. Gisteren is Leiden al opgeschrikt door een luchtaanval op het station Heerensingel en vandaag vallen er bommen bij het Centraal Station. Eén van de slachtoffers van dit bombardement is Cor de Mare. Deze drieëndertig jarige bloemenkoopman uit Rijnsburg bevindt zich ten tijde van het bombardement in de buurt van het museum van Volkenkunde als hij geraakt wordt door rondvliegend puin en bomscherven.

Een geallieerde aanval

Eind September doen de Geallieerden in de vorm van operatie Market Garden een poging om voet aan de grond  te krijgen in centraal Nederland. De operatie mislukt jammerlijk en de Geallieerden worden teruggedrongen tot achter de rivieren. Dit heeft als gevolg dat het westen ten prooi valt aan geallieerde jachtvliegtuigen die op zoek zijn naar iedere vorm van Duits transport en op alles schieten wat maar beweegt.

De Leidse wethouder M.G. Verweij beseft zich maar al te goed dat zijn stad ook doelwit van dit soort luchtaanvallen zou kunnen worden. Het centraal Station Leiden en het spoortje op de Herensingel werden namelijk gebruikt voor transport en overslag van de Duitse V2 rakettenDe V2 raketten werden per vrachtwagen via Rijnsburg en Wassenaar naar lanceerinstallaties in Den Haag getransporteerd.. Leiden was tot nu gespaard gebleven, maar daar kon ieder moment verandering in komen. Er wordt een rampencomité opgericht dat in geval van calamiteiten hulp kan bieden. Begin november 1944 worden de stations van Utrecht, Arnhem, Amersfoort, Apeldoorn en Gouda gebombardeerd dit zou als gevolg hebben dat al het treinverkeer over Leiden zou gaan. Reden genoeg om op korte termijn ook in Leiden een geallieerde aanval te verwachten.

Onder Britse aandacht

Op 13 september 1944 maakt een Brits verkenningsvliegtuigen foto’s van de Leidse binnenstad. Na het bestuderen van het materiaal herkend men in de foto’s een mogelijke laad / losplaats van Duits wapentuig bij het centraal Station en de Heerensingel. Op basis van deze bevindingen doet Fighter Command een officieel verzoek en de Leidse stations komen op een lijst met elf specifieke doelen.

Op zondag 10 december 1944 is het dan zover, het moment is daar. De RAF krijgt van Fighter Command het bevel om “rocket targets in The Hague en Leiden area” aan te vallen. De eerste aanval is gericht op het spoor aan de Herensingel. Om 08:15 stijgen vier Spitfires van het 229 Sq. onder leiding van pilot Officer Doidge op van de basis Coltishall in het Engelse Norfolk. Elk toestel heeft twee 250 ponders bij zich. Om 09:00 vliegt het viertal ter hoogte van Den Haag het Nederlandse luchtruim binnen. Na aanvankelijk vanwege het bewolkte weer enige tijd rondgecirkeld te hebben duiken ze om 09:15 door een gat in de bewolking naar 4000 voet en laten hun bommen los. Deze zaaien dood en verderf. Echter allen missen het doel. De Britse vliegers zien de kleine toren van de St. Josephkerk aan voor de toren op het stationsgebouw aan de Heerensingel en laten hun bommenlast vallen in de Alexanderstraat, de Prinsenstraat en de Sophiastraat.

Het laatste restant van het Station aan de Heerensingel anno 2016.

Het laatste restant van het Station aan de Heerensingel anno 2016. E. Wolthaus

De dag erna is het weer raak. Na het mislukken van de eerste aanval doet men op maandag 11 december weer een poging. Deze keer krijgen 263 Sq en 257 Sq van vliegveld Deurne bij Antwerpen de opdracht om koers te zetten naar de Leidse binnenstad. In twee groepen van acht stijgen de jagers rond 11:30 op voor een aanval op het Centraal Station. Een half uur later droppen de Hawker Typhoons hun bommenlast in de omgeving van het centraal station. Wederom missen de bommen hun doel. Deze keer komen ze terecht op de Haverzakbuurt, de oude stationswijk achter de Stationsweg. Het Academisch Ziekenhuis blijft gespaard, maar het museum van Volkenkunde raakt zwaar beschadigd.

Een tweede bombardement

De vliegers van het 263 Sq en 257 Sq melden bij terugkeer op vliegveld Deurne dat de missie mislukt is. Na overleg wordt er besloten tot een tweede aanval op het Centraal Station. Deze wordt gepland nog op dezelfde dag om 16:00. De Typhoons van het 263 Sq en 257 Sq zullen deze keer vergezeld worden door twee toestellen van het 193 Sq die de opdracht hebben om de aanval van de andere twee eenheden waar te nemen. Vanwege de rookontwikkeling veroorzaakt door de eerste aanval valt er weinig te zien en missen de meeste bommen wederom hun doel. De Britten rapporteren echter dat de aanval ondanks alles een succes was geweest. Rond 16:30 keren de toestellen terug op hun thuisbasis Deurne. De Leidse Haverzakbuurt is net als de Heerensingel veranderd in een rokende puinhoop.

Het aantal slachtoffers van de bombardementen wordt geschat op 55 en ruim 1200 Leidenaren raken huis kwijt. Het lichaam van Cor van der Mare wordt gevonden in een straatkolk ter hoogte van het museum van Volkenkunde. Waarschijnlijk heeft hij daar tevergeefs dekking proberen te zoeken. Zijn vrouw Maria blijft met 3 jonge kinderen achter. De naam van Cornelis van der Mare wordt na de oorlog vermeld op het Rijnsburgse oorlogsmonument bij de NH kerk.

Één van de drie panelen ter nagedachtenis aan de Leidse bombardementen van 1944.

Één van de drie panelen ter nagedachtenis aan de Leidse bombardementen van 1944. E. Wolthaus

Ter nagedachtenis

Wie nu het station Leiden Centraal uitloopt en naar rechts kijkt, ziet direct een erfstuk van de twee vreselijke dagen in december 1944. Tussen het station en de Morssingel waar vroeger de Haverzakbuurt lag staan nu flatgebouwen. Voor de slachtoffers van dit oorlogsdrama wordt 50 jaar na dato een herdenkingsdienst gehouden in de Hartebrugkerk. Veertien jaar later op 14 december 2008 wordt er ter nagedachtenis een monument onthuld onder het eerste perron van het centraal station. Dit monument, onthuld door de burgemeester van Leiden samen met een aantal nabestaanden onder het perron Alphen/Utrecht van Leiden Centraal, bestaat uit drie kunstwerken. Deze gedenkplaten zijn gemaakt door de Leidse kunstenaar Maarten van Maanen en zijn bevestigd aan drie pilaren.

Rijnsburgse oorlogsslachtoffers Volgende verhaal

Wil je bijdragen aan dit verhaal?

U kunt ons helpen door dit verhaal aan te vullen en waar nodig te corrigeren!

Heeft u nog materiaal dat wij kunnen gebruiken om dit verhaal nog beter te maken? Neem dan contact met ons op, zodat we onze website zo compleet mogelijk kunnen houden.

E-mail mail Facebook